De Kommerzijl
Op 17 december 1595 geven Staten van Stad en Lande toestemming om
hout en steen van de afgebroken kloosters Aduard en Kuzemer
te gebruiken voor de aanleg van een zijl bij
de Opslach.
Deze zijl zal de afwatering verzorgen voor
Humsterland
(ipv Niehoofsterzijl ) ,
Langewold-Oosterdeel (ipv de Bomsterzijl - nu de westelijke brug in
Niezijl en Vredewold ( ipv de Nijsloterzijl - de oostelijke brug in
Niezijl).
De zijl werd toen
Opslachterzijl genoemd, mogelijk naar een opslag van turf etc, ten behoeve
van de zoutziederij van Wigbold van Ewsum, heer van Nienoord bij de Leek.
Ook was er in de zgn Schansenkrijg, de oorlogsperiode tot de zgn Reductie van
Groningen in 1594, een schans, "de Opslach". Deze schans raakte 5 juli 1591
definitief in Staatse handen.
Omdat er blijkbaar nogal wat haken en ogen zaten aan het verdelen van de
kosten over de drie oorspronkelijke zijlvesten ( waterschappen )
benoemt de Hoofdmannenkamer op 16 februari 1596 een commissie van 15
personen met
als extern deskundigen de gewezen abten van Thesinge en Rottum en
de overste schepper van de drie Delfzijlen, Aylke Wijnken.
Het provincie bestuur geeft fl 750 subsidie.
Ondanks alle strubbelingen kwamen dijk en sluis in 1598 toch gereed.
Een niet bij name genoemde burgemeester van Staveren wordt
als aannemer vermeld.
Het Opslachterzijlvest - later Kommerzijlvest, omtrent het waarom
van de naamsverandering weten we niets met zekerheid, maar zij komt in 1629
al voor - was dus eigenlijk een
samenwerkingsverband van drie zijlvesten:
het Bomsterzijlvest, dat afwaterde door de westelijke zijl in Niezijl,
het Nijsloterzijlvest, dat afwaterde door de oostelijke zijl in Niezijl,
en het dijkrecht van Humsterland, voorzover dat afwaterde door de
Niehoofsterzijl. Het Kommerzijlvest ging in 1864 samen met het
Aduarderzijlvest op in het nieuwe waterschap Westerkwartier (inmiddels zelf
opgegaan in het Noorderzijlvest).
Toezicht en rechtspraak berustten dus bij de drie zijlvesten,
elk voor een derde.
Samen stelden ze een generale bode en een waarman (sluismeester)
aan.
Er zijn verschillende houten zijlen gelegd, onder meer ook in het verlengde
van het Koude Gat ( de huidige Zijlveststraat ), tot in 1787 een stenen
zijl werd gelegd.
Nadat in 1877 de zeedijk van Nittershoek naar Zoutkamp en daarmee een nieuw
sluizencomplex bij Zoutkamp waren gelegd, werd de zijl vervangen door de
huidige dubbele keersluis. Daarbij werd ook de dijk verlaagd.
De nieuwe sluizen moesten eventueel afstromend water van het Reitdiep
keren als er bij Zoutkamp niet voldoende gestroomd kon worden.
Na sluiting van de Lauwerszee in 1969,
waardoor Electra maar kon malen, verdween ook deze functie en
wordt er geen onderhoud meer gepleegd.
In 1980 is de houten brug over de sluis vervangen door een betonnen
exemplaar.
Op maandag 21 oktober 2002 zijn ook de deuren verwijderd:
Fotoreportage - wat er van over is ligt nu op het dijkje aan de noordkant van de ophaalbrug bij Electra.
Het huidige
Waarhuis dateert van 1902.
Bij het landelijk Monumenten Inventarisatie Project (MIP) voor
bouwwerken uit de periode 1850-1940 heeft de gemeente Zuidhorn ook
gekeken naar de combinatie brug, sluis en sluiswachterswoning.
Het complex viel af omdat de brug in zijn geheel is vernieuwd, de woning teveel
is gewijzigd en de sluis in zeer slechte staat verkeert.
Serieus opknappen van de sluis zou voor rekening komen van het
Noorderzijlvest en aangezien de sluis geen functie meer heeft zal dat wel
niet gebeuren.